zaterdag 24 december 2011

Video in het Nederlands over Deense studie van 2011

In deze video vertel ik in het Nederlands over mijn studie van het Deens in 2011 en laat ook materialen zien die ik voor de studie heb gebruik of nog steeds gebruik. Op de volksuniversiteit heb ik ervaring met twee verschillende cursussen die ik heb aangevuld door zelfstudie van het Deens.



Veel kijkplezier!

Fasulye

vrijdag 23 december 2011

Video in het Deens over mijn studie Deens aan de volksuniversiteit in 2011

Hier presenteer mijn nieuwste You Tube - video geheel in het Deens gesproken. Natuurlijk ben ik nog niet "fluent" op mijn A1 / A2 - level, maar het is mijn eerste poging om vrij voor het publiek in het Deens te spreken.



Veel kijkplezier!

Fasulye

dinsdag 20 december 2011

Female language learners and polyglots

As this is a topic of general interest, I will write about it in English and not in Dutch.

I studied 3 years of Romance languages at university and in my language, linguistics, litarature and civilisation classes 90 % of the students were female and only 10 % of the students were male.

Same experience with my evening courses at the adult education centres (volksuniversiteiten): In the language classes not more than 10 % of the students are male and about 90 % of the students are female. A typical example is my new Danish course: We are 5 students, 4 females and 1 male.

As a conclusion I can say - covering my own lifelong experience - that language courses normally are dominated by female participants.

But what's the situation with among polyglots? On You Tube the most wellknown polyglots are all males with me as an exeption. But where are the other female polyglots? I have had contact with a few female polyglots and they all don't want to present themselves in public. Discussing language learning in a forum is OK for them but making You Tube videos would be too much. Therefore they remain unknown to those people who don't follow the discussions in a language forum such as HTLAL (http://how-to-learn-any-language.com).

Therefore I know that other female polyglots exist and I could name them for example in a discussion on Skype, but I also respect the decision of other people not to present themselves in public on the internet.

Fasulye

donderdag 15 december 2011

Dansk Julesang: Glade Jul, dejlige Jul

De melodie van dit kerstlied is: "Stille nacht, heilige nacht".

Glade jul, dejlige jul (DANISH)
LYRICS BY: B.S. Ingemann (1850)

Glade jul, dejlige jul,
engle daler ned i skjul!
Hid de flyver med paradis grønt,
hvor de ser, hvad for Gud er skønt,
lønlig iblandt os de gaar.

Julefryd, evige fryd,
hellig sang med himmelsk lyd!
Det er englene, hyrderne så,
dengang Herren i krybben lå,
evig er englenes sang.

Fred på jord, fryd på jord,
Jesusbarnet blandt os bor!
Engle sjunger om barnet så smukt,
han har Himmerigs dør oplukt,
salig er englenes sang.

Salig fred, himmelsk fred,
toner julenat herned!
Engle bringer til store og små
bud om ham, som i krybben lå;
fryd dig, hver sjæl, han har frelst!

dinsdag 6 december 2011

Deense cultuur: Bestaat Sinterklaas in Denemarken?

In Nederland wordt op 05 december Sinterklaas geviert en in Duitsland is 06 december Nikolaustag. Maar hoe is dat in Denemarken? Daar is moeilijk informatie over te vinden in Google, maar ik heb de volgende kleine tekst in het Duits gevonden:

"Nikolaus gibt es nicht überall: Weihnachten in Dänemark läuft anders ab
Wie es in vielen Ländern der Brauch ist, Weihnachten anders zu gestalten als andere, ist Weihnachten in Dänemark zwar ähnlich dem deutschen Brauch, aber immer noch anders. Der Nikolaus kommt hier beispielsweise nicht."

Mijn Nederlandse samenvatting:

Sinterklaas bestaat niet overal. « ... » Sinterklaas komt hier bijvoorbeeld niet.

Dat is al duidelijke informatie, maar ik probeer nog wat achtergronden te weten te komen.

Ik heb inderdaad bevestigd gekregen dat in Denemarken Sinterklaas niet bekend is, de enige persoon die daar een betekenis heeft is de "Julemand" en dat is dus de Kerstman.

Fasulye

donderdag 1 december 2011

Intensief en extensief lezen in vreemde talen

Wat is nou het verschil tussen intensief en extensief lezen?

1. Intensief lezen:

Een tekst langzaam lezen en als die in een vreemde taal geschreven is hoort er ook bij dat men alle of vele onbekende woorden in een woordenboek nakijkt. Dit is de enige geschikte methode voor het beginner nivo A1 / A2.

2. Extensief lezen:

Een tekst snel lezen en proberen om in een keer zoveel mogelijk pagina's te lezen. Bij een vreemde taal is dat alleen mogelijk als men tenminste een B1 / B2 - nivo heeft, want als beginner in een taal kun je niet extensief lezen. Bij deze methode moet men uitkijken dat het lezen niet te oppervlakkig wordt, wat ertoe kan leiden dat men alles gelezene snel weer vergeet.

Welke van deze methodes gebruik ik?

Als ik bijvoorbeeld een astronomietijdschrift in het Engels lees - mijn Engels is op C1 - level - dan ga ik extensief lezen. Het kan zijn dat ik vanwege de inhoud besluit om iets langzamer te lezen, maar vanwege het taalnivo van het Engels heb ik dat niet nodig. Gewoonlijk hoef ik dan geen woorden in het woordenboek optezoeken. Alleen in een uitzonderingsgeval zoek ik een Engels begrip op.

Mijn studietaal is het Deens en ik zit zo op A1 / A2 - nivo. Om het precies te bepalen zou ik een examen moeten afleggen, maar dat zal ik niet doen. In mijn Deense cursus lezen we een roman op native level en ik moet dus elke week de teksten thuis gaan voorbereiden. Dat is dus het typische intensieve lezen, want ik moet heel veel woorden in het tweetalige woordenboek opzoeken. Om dat effectief te doen plak ik een halve kopie van de boektekst op een lege A 4 - bladzijde zodat op de rechter kant de onbekende woorden met vertaling kan opschrijven. Toen ik nog op de universiteit talen studeerde heb ik ook op die manier intensief teksten in mijn toenmalige studietalen gelezen.

Ik vind dat het consequente intensieve lezen op het beginner level A1 / A2 van een vreemde taal nodig is om een goede leesvaardigheid te ontwikkelen. Zoiets kost wel veel inspanning, maar het effect op de lange duur is wel al die moeite waard.

Fasulye

vrijdag 25 november 2011

Deens: 49 uregelmaessige verber

Øvelse uregelmæssige verber:

1. snyde, snød, snydt = oplichten, frauderen, bedriegen
2. krybe, krøb, krøbet = kruipen, krimpen
3. snige, sneg, sneget = sluipen = schleichen (tysk)
4. glide, gled, gledet = glijden
5. fare, for, faret = vliegen, razen
6. jage, jog, jaget = jagen
7. knibe, kneb, knebet = knijpen, snijden
8. skide, skid, skidt = schijten, poepen
9. æde, åd, ædt = eten, vreten
10. le, lo, let/leet = lachen
11. ryge, røg, røget = roken
12. bryde, brød, brudt = breken, verbreken
13. slide, sled, slidt = slijten, verslijten, blokken (voor een examen)
14. gnide, gned, gnedet = wrijven, insmeren
15. beder, bad, bedt = vragen, verzoeken, bidden (een gebed)
16. tvinge, tvang, tvunget = dwingen
17. bide, bed, bidt = bijten
18. svinge, svang, svunget = slingeren, schommelen, zwaaien
19. svide, sved, svedet = schroeien, verschroeien, laten aanbranden = schrumpeln, verschrumpeln (tysk)
20. stryge, strøg, strøget = strijken, overslaan
21. stinke, stank, stinket = stinken
22. lade, lod, ladet/ladt = laten
23. byde, bød, budt = bieden, aanbieden, bevelen, gebieden
24. drive, drev, drevet = drijven, kweken, luieren
25. fise, fes, feset = scheten laten, vliegen = furzen, pupsen (tysk)
26. gide, gad, gidet = zin hebben in, willen
27. gælde, gjaldt, gjaldt = gelden, van toepassing zijn
28. forsvinde, forsvandt, forsvundet = verdwijnen
29. svinde, svandt, svundet = slinken = schwinden (tysk)
30. træffe, traf, truffet = ontmoeten, treffen
31. smide, smed, smidt = smijten, gooien
32. hænge, hang, hængt = hangen
33. stikke, stak, stukket = steken, prikken
34. græde, græd, grædt = huilen
35. hive, hev, hevet = trekken, gooien
36. rive, rev, revet = harken, scheuren, raspen
37. skride, skred, skredet = schrijden, vooruitgaan, uitglijden
38. klinge, klang, klinget = dichten = abdichten (tysk)
39. slibe, sleb, slebet = slijpen (een mes, diamanten), schuren (met zandpapier)
40. løsrive, løsrev, løsrevet = losrukken
41. afbryde, afbrød, afbrudt = afbreken
42. bestikke, bestak, bestukket = omkopen = bestechen (tysk)
43. indsnige, indsneg, indsneget = insluipen
44. tilbede, tilbad, tilbedt = aanbidden
45. anslå, anslog, anslået = schatten
46. påstår, påstod, påstået = beweren = behaupten (tysk)
47. indfinde, indfand, indfundet = je vertonen
48. overgår, overgik, overgået = overtreffen, iets overkomen
49. overholder, overholdt, overholdt = zich houden aan (de wet, de regels)

zaterdag 19 november 2011

Vreemde talen spreken via Skype

Door het talenforum HTLAL heb ik Skype leren kennen en ik gebruik Skype regelmatig om via Skype met mensen uit het buitenland mijn vreemde talen te spreken.

De eenvoudige versie van Skype is gratis en kan vanuit het internet in allerlei talen gedownload worden.

Dit is de website van Skype: http://www.skype.com/intl/nl/get-skype/

Wat belangrijk is voor Skype is de keuze van jouw gesprekspartners. Na mijn persoonlijke ervaringen spelen leeftijdsverschillen geen rol, het is belangrijker dat je een win-win situatie in het uitwisselen van talen kunt creeren en dat het menselijk ook "klikt". Het gaat zo dat ik bepaalde talen graag wil oefenen, zoals mijn Romaanse talen Frans, Italiaans en Spaans plus mijn studietaal Deens (of Turks) en daarvoor bied ik aan om iemand anders bij het spreken van het Duits, Nederlands of Esperanto te helpen. Zodoende kan natuurlijk ook mijn ouderlijke taal Duits nuttig zijn voor iemand die deze taal met een native speaker wil oefenen.

Ik heb heel lang moeten zoeken om Skype contacten te vinden die ook duurzaam zijn. Wat voor mij het beste functioneert is als ik in één gesprek met iemand (of 2-3 personen tegelijk, want dat is met Skype ook mogelijk) meerdere talen kan spreken, zodat ik in een sessie verschillende dingen tegelijk kan oefenen. Dit is ook het principe van "polyglot skyping".

Wat bij Skype handig is, is dat je met een headset naar een bepaald Skype adres van je gesprekspartner telefoneert, maar dat er tegelijk een chatvenster geopend kan worden, zodat men tijdens het gesprek elkaars taalfouten schriftelijk kan corrigeren. Dat werkt prima zo en er ontstaat geen pauze in het gesprek vanwege taalcorrecties.

Na mijn ervaring duren zulke gesprekken meestal zo'n twee uur en gemiddeld spreek ik 3-4 talen met iemand (of meerdere personen). Dus voor mensen die echt het spreken willen oefenen of over het leren van talen met iemand van gedachten willen wisselen, kan ik Skype zeer goed aanbevelen!

Fasulye

woensdag 16 november 2011

Bedrijfstelefoongesprekken in het Deens (1)

Ik wil nu wat belangrijke formuleringen presenteren voor bedrijfstelefoongesprekken in het Deens.

1. Goddag! Mit navn er Fasulye. Jeg vil gerne tale med Bodil Jensen.
Goededag! Mijn naam is Fasulye. Ik wil graag met Bodil Jensen spreken.

2. Træffer jeg Torben Hansen i salgsafdelingen?
Vind ik Torben Hansen in de verkoopsafdeling?

3. Lige et øjeblik. Je stiller Dem om til ham / hende.
Een momentje. Ik stel u door tot hem / haar.

4. Der er desværre optaget. Vil du vente et øjeblik?
Daar is helaas bezet. Wilt u een ogenblikje wachten?

5. Jeg ringer igen lidt senere.
Ik zal iets later terugbellen.

6. Han / hun er til møde.
Hij / zij is in een bespreking.

7. Han / hun er her ikke lige nu.
Hij / zij is er op het moment niet aanwezig.

8. Vil du så godt give ham / hende en besked?
Wilt u hem / haar graag een bericht geven?

9. Det ved jeg desværre ikke.
Dat weet ik helaas niet.

10. Vil du godt bede ham /hende om at ringe til mig?
Wilt u graag hem / haar vragen om mij terugtebellen?

11. Ja, det skal jeg nok.
Ja, dat zal ik doen.

12. Tak for hjælpen! - Det var så lidt.
Bedankt voor de hulp! - Graag gedaan.

Fasulye

zaterdag 29 oktober 2011

Deens: Roman lezen voor de Deense cursus

Mijn talenstudie Deens is momenteel een beetje veranderd, want voor mijn nieuwe Deense cursus moet ik thuis veel teksten voorbereiden. Als lectuur van de cursus lezen wij het boek "Kronprinsessen" van Hanne-Vibeke Holst (2002). Het is een roman die over de politieke carriere van Charlotte Damgaard gaat. Het hele boek is vol met dialogen die over de politiek in Kopenhagen gaan.

Dit is natuurlijk native level Deens en voor mij moeilijk met mijn twee jaren Deens als studieervaring. Hoe ga ik ermee om? Ter voorbereiding van de volgende les (de cursus is een keer per week) kopieer ik de pagina's, knip ze uit en plak een pagina van het boek op de linker kant van een A4-tje zodat ik de hele rechter kant blanko heb. Daar schrijf ik dan de onbekende woorden Deens - Nederlands op, in twijfelsgevallen drietalig Deens - Nederlands - Duits. Onbekende woorden markeer ik in de Deense tekst met een roze of oranje tekstmarker. Per week bereid ik zo'n 4 - 5 pagina's voor.

Omdat ik nu regelmatig de onbekende teksten uit het boek moet voorbereiden, heb ik niet meer zoveel tijd voor het bestuderen van mijn leerboek en oefenboek Deens. Wel heeft de cursus vakantietijden en dan kan ik natuurlijk weer wat meer zelfstudie doen.

Het politieke boek wat wij in de cursus lezen vind ik inhoudelijk behoorlijk interessant. Nuttrulijk kan ik de inhoud nog niet volledig begrijpen maar ik meer dat ik steeds meer daarvan kan volgen, dus mijn leesvaardigheid maakt vorderingen.

Fasulye

maandag 3 oktober 2011

Grammaticabegrippen viertalig: ENG - DK - GER - NL

Main phrase = hovedsætning = Hauptsatz = hoofdzin
Subordinate phrase = bisætning = Nebensatz = bijzin
Paragraph: afsnit = Abschnitt = alinea

Verbum = udsagnsord = Verb = werkwoord
Substantive = navneord = Substantiv = naamwoord
Adjective = tillægsord = Adjektiv = bijvoegelijk naamwoord
Adverbium = biord = Adverb = bijwoord
Pronomen = forholdsord = Pronomen = voornaamwoord
Demonstrative pronomen = påpegende stedord = Demonstrativpronomen = aanwijzend voornaamswoord
Conjunction = bindeord = Konjunktion = voegwoord

Genitive = ejefald = Gentitiv = genitief

Present = nutid = Präsens = tegenwoordige tijd
Future = fremtid = Futur = toekomstige tijd
Preteritum = datid = Präteritum = preteritum
(compund) Perfect = fornutid = zusammengesetztes Perfekt = perfectum
Plusquamperfect = førdatid = Plusquamperfekt = plusquamperfectum
Subjunctive = konjunktiv = Konjunktiv = voorwaardelijke wijs
compund tense = sammensat verbalform = zusammengesetztes Verb = samengezet werkwoord
Imperative = bydemåde, bydeform = Imperativ = gebiedende wijs
Participle = tillægsmåde = Partizip = deelwoord
Infinitive = navnemåde = Infinitiv = onbepaalde wijs

'member of phrase' = sætningsled = Satzglied = zinslid
Subject = grundled = Subjekt = onderwerp
Verbal = udsagnsled = Prädikat = gezegde
Direct object = direkte genstandsled = Akkusativobjekt = direct voorwerp
Indirect object = indirekte genstandsled = Dativobjekt = indirect voorwerp
Adverbial = biled = Adverbiale Bestimmung = adverbiale bepaling?

Sentence knot = sætningsknude = Satzknoten = zinsknoop

vrijdag 30 september 2011

Deens: Het schaakspel - De woordenschat

Alhoewel ik met mijn schaakhobby momenteel niet actief ben, wil ik er toch een woordenschatoefening van maken. Ik ken helemaal geen schaakbegrippen in het Deens, dus ik moet alle woorden in mijn woordenboek gaan opzoeken. Daarom houd ik het maar inhoudelijk eenvoudig.

Ik zal alles drietalig opsommen, want mijn schaaktaal is het Duits geweest en ik heb ook schaakboeken in het Nederlands.

Die Schachfiguren = De schaakstukken = Skakbrikkerne (Duits - Nederlands - Deens)

ein König = een koning = en konge
eine Dame = een dame = en dame, en dronning
ein Turm = een toren = en tårn
ein Läufer = een loper = en løber
ein Springer = een paard = en springer, en hest
ein Bauer = een pion = en bonde

Misschien kan ik in het internet nog wat woordenlijsten vinden, maar ik ben er niet zeker van.

Hier is een Deense website, die de schaakregels voor beginners (= begyndere) uitlegt:

http://www.herningskakklub.dk/skakregler.htm

Zoiets is voor mij nuttig om een idee van de Deense schaaktaal te krijgen. Natuurlijk ken ik de regels wel, maar niet in het Deens!!!

Fasulye

donderdag 22 september 2011

Deens: Immersion in de nieuwe taalcursus

Ik wil het nu maar eens over taal immersion hebben. Immersion betekent induiken in de vreemde taal. Gewoonlijk heb je zo'n situatie als je in het buitenland verblijft en de hele dag de vreemde taal om je heen hoort en kunt spreken. Immersion is altijd zeer intensief en het biedt goede kansen om snel vorderingen in de vreemde taal te maken.

In juli 2011 ben ik voor een week in Denemarken geweest, maar daar was de hoofdtaal van de hele week het Esperanto, omdat ik deelneemster was van de Universala Esperanto Kongreso. Het Deens heb ik alleen een heel klein beetje in het hotel en in de winkels kunnen spreken, dus die vakantie was zeker geen immersion van het Deens.

Waar ik wel een immersion situatie heb, is mijn nieuwe taalcursus Deens, die een keer per week plaatsvindt en van 18:15 h tot 20:00 h duurt. We zijn een kleine groep van cursisten, waarvan de anderen alle vloeiend Deens spreken. Vanwege het openbaar vervoer kom ik altijd 15 minuten eerder en heb zo de kans om met de docente alleen Deens te spreken. In de les zelf wordt volledig Deens gesproken, dus dat is werkelijke immersion. Zo kan ik de vreemde taal heel goed assimileren en dat helpt mij bij het denken in het Deens later tijdens de gewone week. Zodoende zit ik nu in een ideale taalcursus en zal als ik regelmatig kan deelnemen (dus geen baan moet aannemen die mijn regelmatige deelname onmogelijk maakt) snel vorderingen vooral bij het denken in het Deens maken. Dit wederom zal rechtstreeks mijn spreekvaardigheid verbeteren.

Fasulye

vrijdag 12 augustus 2011

Deens: Namen van dieren in de dierentuin (3)

Er komen nog meer diernamen, die ik allemaal van buiten wil leren.

Dansk - tysk - nederlandsk:

41. en ugle = eine Eule = een uil
42. en slørugle = eine Schleiereule = een sluieruil
43. en fugl = ein Vogel = een vogel
44. et krybdyr = ein Reptil, ein Kriechtier = een reptiel
45. en sumpskildpadde = eine Sumpfschildkröte = een moerasschildpad
46. en øgle = eine Echse, ein Saurier = een hagedis
47. en kæmpegekko = ein Riesengekko = een reuzengekko
48. en snog = eine Natter = een ringslang
49. en kongesnog = eine Königsnatter = een koningsringslang
50. en frø = ein Frosch = een kikker
51. en tudse = eine Kröte = een pad
52. en trætudse = eine Baumkröte = een boompad
53. en stribet giftfrø = ein gestreifter Giftfrosch = een gestreepte gifkikker
54. en oksefrø = ein Ochsenfrosch = een ossekikker
55. en regnbuefisk = ein Regenbogenfisch = een regenboogvis
56. en stribefisk = ein Streifenfisch = een strepenvis
57. et bløddyr = ein Weichtier = een weekdier
58. en snegl = eine Schnecke = een slak
59. en kæmpegræshoppe = eine Riesenheuschrecke = een reuzensprinkhaan
60. een bille = ein Käfer = een kever
61. en sommerfugl = ein Schmetterling = een vlinder

Fasulye

Deens: Namen van dieren in de dierentuin (2)

Ik heb dus Deens / Engelse diernamen in het Duits vertaald en daarvan de Nederlandse vertalingen opgezocht! Dat is de beste manier, want anders maak ik teveel Deense fouten en heb te vaak correcties nodig.

Dansk - tysk - nederlandsk:

12. et pattedyr = ein Säugetier = een zoogdier
13. en flagermus = eine Fledermaus = een vleermuis
14. et pungdyr = ein Beuteltier = een buideldier
15. en taskmansk pungdjævel = ein tasmanischer Beutelteufel = een Tasmaanse duivel
16. en flyvende hund = ein Flughund = een vliegende hond
17. en tamkanin = ein Hauskaninchen = een huiskonijn
18. en marsvin = ein Meerschweinchen = een Guinees biggetje, een cavia
19. en husmus = eine Hausmaus = een huismuis
20. en grå ulv = ein Grauwolf = een grijze wolf
21. en brun bjørn = ein Braunbär = een bruine beer
22. en løve = ein Löwe = een leeuw
23. en søløve = ein Seelöwe = een zeeleeuw
24. en sæl = ein Seehund, eine Robbe = een zeehond
25. en brædsnudet næsehorn = ein Breitmaulnashorn = een breedmuilneushorn
26. en tamsvin = ein Hausschwein = een huisswijn, een huisvarken
27. en dværghjort = ein Zwerghirsch = een dwerghert
28. en blå gnu = ein blaues Gnu = een blauw gnoe
29. en rensdyr = ein Rentier = een rendier
30. en tamkvæg = ein Hausrind = een huisrund
31. et rovdyr = ein Raubtier = een roofdier
32. en brun rotte = eine Braunratte = een bruine rat
33. en struds = ein Strauß = een struisvogel
34. en pingvin = ein Pinguin = een pinguin
35. en gås = eine Gans = een gans
36. en dværgand = eine Zwergente = een dwergeend
37. en tamhøne = ein Zwerghuhn = een dwerghoen
38. en perlehøne = ein Perlhuhn = een parelhoen
39. en rovfugl = ein Greifvogel = een roofvogel
40. en papegøje = ein Papagei = een papegaai

Fasulye


zondag 7 augustus 2011

Deens: Namen van dieren in de dierentuin (1)

Jeg har nu et årskort at besøge zoologisk haven i min by. Nu wil jeg lære tyske navne af dyrerne ogsâ på nederlandsk og dansk:

For eksempel: tysk - nederlandsk - dansk

1. ein Ameisenbär = een miereneter = en myresluger

2. eine Riesenschildkröte = een reuzenschildpad = en kaempeskildpadde

3. ein Trampeltier / ein Dromedar = een kameel / een dromedaris = en kamel / en dromedar (een kameel heeft twee bulten en een dromedaris er een)

4. ein Moschusochse = een muskusos = en moskusokse

5. ein Weißstorch = een witte ooievaar = en hvid stork

6. ein Zwergpflusspferd = een dwergnijlpaard = en dværgflodhest

7. ein Schneeleopard = een sneeuwluipaard = en sneleopard

8. ein Baumkänguru = een boomkangoeroe = en trækænguru

9. ein Hornrabe = een hoornraaf = en hornravn

10. Enten und Gänse = eenden en ganzen = (en and og en gås) aender og gaeser

11. ein Wasserschwein = een waterzwijn = en flodzvin

- wordt vervolgd -

Fasulye

donderdag 14 juli 2011

Deens: Taalpraktijk in Denemarken

Het is nu ongeveer één week voor mijn vakantie in Denemarken. Daar wil ik onder andere uitproberen, hoe de communicatie met mijn kennis van het Deens zal lukken. Ik heb nu twee jaar van taalcursussen + zelfstudie Deens achter de rug. Zeker wil ik in de restaurants in het Deens gaan bestellen. Ook in de boekenwinkel wil ik Deens gaan praten. En misschien gaan wij ook naar een bioscoop voor een Deense film. Zeker wil ik het planetarium gaan bezoeken voor een astronomievoorstelling in de Deense taal. Ik zal één week in Denemarken verblijven.

Fasulye

woensdag 6 juli 2011

Deens: Breuken (wiskunde)

1/2 = en halv

1/4 = en kvart

1/3 = en tredjedel

1/5 = en femtedel

2/6 = to sekstedele

1 1/2 = halvanden

2 1/2 = to-en-halv

3 1/4 = tre-en-kvart

en halv liter maelk = een halve liter melk

et halvt kilo ost = een half kilo kaas

et halvt glas marmelade = een half glas jam

to kvarte liter maelk = twee vierde liter melk

Fasulye

Deens: Levensmiddelen / producten in hun verpakking

Ik heb nu twee verschillende units Deens bestudeerd, waar het om levensmiddelen in hun verpakking gaat. Oorspronkelijk wilde ik de verpakkingen apart leren, maar kon zoiets volstrekt niet onthouden. Mijn aanbeveling is dus om elke verpakking samen met een typisch levensmiddel of product van buiten te leren.

Dit is mijn lijst van levensmiddelen/producten in hun verpakking:

- en æske cornflakes = een doos / eine Schachtel / cornflakes
- en pose mysli = een zakje / eine Tüte / muesli
- en flaske rødvin = een fles / eine Flasche / rode wijn
- en bakke jordbær = een bakje / eine Schale / aardbeien
- en dåse ravioli = een blik / eine Dose / ravioli
- en kasse sodavand = een krat / ein Kasten / limonade
- et bæger yoghurt = een beker / ein Becher / joghurt
- en pakke smør = een pak / eine Packung / boter
- et stykke sæbe = een stuk / ein Stück / zeep

Fasulye

zaterdag 18 juni 2011

Getallen in het Deens (2) Rangtelwoorden

Men spreekt dus in het Nederlands van hoofdtelwoorden (een, twee, drie, vier,...) en rangtelwoorden (eerste, tweede, derde, vierde...).

Hier zijn de belangrijkste rangtelwoorden (= ordinal numbers in English) in het Deens:

1. = første
2. = anden
3. = tredje
4. = fjerde
5. = femte
6. = sjette
7. = syvende
8. = ottende
9. = niende
10. = tiende
11. = ellevte
12. = tolvte
13. = trettende
14. = fjortende
15. = femtende
16. = sekstende
17. = syttende
18. = attende
19. = nittende
20. = tyvende

Fasulye

zaterdag 21 mei 2011

Deens: Onbekende teksten met woordtellingen (1)

We lezen nu in onze cursus Deens elke keer ook een onbekende tekst die geen betrekking heeft op de woordenschat in ons leerboek. Zodoende wil ik mijn leesvaardigheid nu verder uitbreiden. Een interessegebied van mij is de (amateur-) astronomie en ruimtevaart.

Een goede website voor makkelijke teksten over astronomie en ruimtevaart is de website van het Tycho Brahe Planetarium in Kopenhagen:

http://www.tycho.dk/

Ik print ervan teksten uit en maak er woordtellingen (= word counts) van.

1. Totaal aantal woorden:

2. Aantal voor mij onbekende woorden:

3. Percentage onbekende woorden:

Fasulye

woensdag 18 mei 2011

Deens: Bijwoorden (3) van tijd

A. Bijwoorden van de verleden tijd:

- for en uge siden = een week geleden
- i går = gisteren
- i forgårs = eergisteren
- i sidste måned = vorige maand
- for to timer siden = twee uur geleden
- i går aftes = gisterenavond
- i morges = deze ochtend
- i går morges = gisterenochtend

B. Bijwoorden van de toekomstige tijd:

- på mandag = op maandag
- om en uge = in een week
- i næste måned = volgende maand
- om fire dage = over vier dagen
- i morgen eftermiddag = morgen middag
- i overmorgen = overmorgen
- i morgen = morgen

Fasulye

maandag 16 mei 2011

Nog meer bijwoorden Deens (2)

Dit zijn heel belangrijke woordjes, die men vaak tegenkomt, maar die wel eens moeilijk te onthouden zijn.

derefter - danach - daarna
så - dann - dan
hos - bei - bij - chez
omkring - ungefähr, etwa - ongeveer
tilbage - zurück - terug
ugenligt - wöchentlich - wekelijks
bare - bloß, nur - slechts, maar
altså - also - dus
Skål! - Prost! - Proost!
bag - hinter - achter
bagved - dahinter - daarachter
uden - ohne - zonder
endelig - endlich - eindelijk
ret - ziemlich - tamelijk
igennem - durch - door
mens - während - terwijl
mellem - zwischen - tussen
gennem - während - terwijl

Fasulye

maandag 9 mei 2011

Mijn Deense woordenboeken

Hier zijn mijn Deense woordenboken te zien die ik voor mijn talenstudie gebruik:




Fasulye

zaterdag 30 april 2011

Deens: Nuttige vragen en antwoorden

Ik heb ondertussen weer wat lessen doorgewerkt in mijn leerboek en werkboek wat ik voor de zelfstudie gebruik (Dänisch Neu). Daar ben ik wat standaardvragen tegengekomen die ik hier maar eens wil stellen met voor iedere vraag een voorbeeldantwoord.

1. Hvabehar? Vil du ikke godt gentage det? - Watblieft? Kunt u dat herhalen alstublieft?
Ja, gerne - Ja, graag.

2. Vil du ikke godt tale lidt langsommere? - Kunt u wat langzamer spreken alstublieft?
Ja, selfølgelig. - Ja, zeker.

3. Kan du sige mig, hvor der er een pengeautomat? - Kunt u mij zeggen, waar er een geldautomaat is?

4. Hvornår har du fødselsdag, Inger? - Wanneer ben je / bent u jarig, Inger?
Jeg har fødselsdag den tredje april. - Ik ben jarig op drie april.

5. Hvor er du født? - Waar ben je/ bent u geboren?
Jeg er født i Roskilde i Danmark. - Ik ben in Roskilde in Denemarken geboren.

6. Kan du kommer fredag den anden juni? - Kun je / kunt u op twee juni komen?
Ja, det kan jeg godt. - Ja, dat kan ik.
Nej, det kan jeg desværre ikke. - Nee, dat kan ik helaas niet.

7. Hvor vil du rejse hen? - Waar wil je / wilt u naar toe reizen?

Fasulye

vrijdag 22 april 2011

Deens: Bezittelijke voornaamwoorden

Ik heb reeds de bezittelijke voornaamwoorden in het Deens bestudeerd. Ze richten zich naar het bijbehorende naamwoord. Omdat niet alle van mijn lezers Nederlands spreken, geef ik de vertaling van de grammaticaterm in het Duits en in het Engels:

bezittelijke voornaamwoorden (Nederlands) = Possesivpronomen (Duits) = possesive pronouns (English)

1. et værelse = een kamer

mit værelse = mijn kamer
dit værelse = jouw kamer
sit værelse = zijn, haar kamer
hans væresle = zijn kamer
hendes værelse = haar kamer
vores værelse = onze kamer
jeres værelse = jullie kamer
deres værelse = hun kamer

2. en bil = een auto

min bil = mijn auto
din bil = jouw auto
sin bil = zijn, haar auto
hans bil = zijn auto
hendes bil = haar auto
vores bil = onze auto
jeres bil = jullie auto
deres bil = hun auto

3. forældre = ouders

mine forældre = mijn ouders
dine forældre = jouw ouders
sine forældre = zijn, haar ouders
hans forældre = zijn ouders
hendes forældre = haar ouders
vores forældre = onze ouders
jeres forældre = jullie ouders
deres forældre = hun ouders


Het verschil sin - hans en sin - hendes:

Preben taler med sin kone. - Peben praat met zijn eigen vrouw.
Preben taler med hans kone. - Preben praat met de vrouw van een andere man.

Lone taler med sin mand. - Lone praat met haar eigen man.
Lone taler med hendes mand. - Lone praat met de man van een andere vrouw.

Fasulye

vrijdag 15 april 2011

Deens: Drie vormen van het preteritum (1)

In de laatste Deense les van mijn cursus kregen wij een tekst voorgeschoteld met heel wat vormen van de verleden tijd / preteritum. Het Deens heeft drie verschillende vormen van het preteritum:

--------------------------------------------------

A. Groep - te preteritum:

1. spise = eten

jeg spiser, jeg spiste

2. læser = lezen

jeg læser, jeg læste

3. køre = rijden

jeg kører, jeg kørte

4. købe ind = boodschappen doen

jeg køber ind, jeg købte ind


-----------------------------------------------------


B. Groep - ede preteritum:

1. lave = doen

jeg laver, jeg lavede

2. snakke = praten

jeg snakker, jeg snakkede

3. spille = spelen

jeg spiller, jeg spillede

4. arbejde = werken

jeg arbejder, jeg arbejdede


------------------------------------------------------


C. Groep onregelmatige preteritum:

1. være = zijn

jeg er, jeg var

2. stå op = opstaan

jeg står op, jeg stod op

3. tage = nemen

jeg tager, jeg tog

4. blive = worden

jeg bliver, jeg blev

5. gå = gaan

jeg går, jeg gik


Fasulye

dinsdag 12 april 2011

Français: Les formes du passé simple (2)

Aujourd'hui j'ai preparé un nouveau texte pour mon cours de conversation française. Nous lisons de la littérature, donc dans ce texte j'ai trouvé assez de formes de l'imparfait et du passé simple. Moi, je dois apprendre les formes du passé simple. Pour cela je voudrais vous présenter des autres formes du passé simple:

11. faire = doen

il fit - ils firent

12. venir = komen

il vint - ils vinrent

13. se souvenir = zich herinneren

il se souvint - ils se souvinrent

14. devoir = moeten

il dut - ils durent

15. voir = zien

il vit - ils virent

16. vivre = leven

il vécut - ils vécurent

17. comprendre = verstaan, begrijpen

il comprit - ils comprirent

18. mettre = plaatsen, zetten, stellen, leggen

il mit - ils mirent


Fasulye

dinsdag 5 april 2011

Esperanto-konvertiloj: Du utilajn retpaĝojn por skribi Esperanton

Karaj legantoj de mia Esperanto!

Ĉi-semajnfine mi partoprenos Esperanto-semajnfinon en Nederlando. Ĝi daŭros tri tagoj kaj venos grupo de proksimume 20 partoprenantoj el la tuta Nederlando. Verŝajne mi estos la sola gasto el la eksterlando. Kompreneble mi ankaŭ havos la eblon paroli la nederlandan lingvon dum la renkontiĝo.

Por skribi Esperanton mi volas du utilajn retpaĝojn rekomendi al miaj legantoj ĉi-tie:

1. Esperanto konvertilo de x-oj al akcentoj:

http://members.aon.at/aldone/konvertilo.html

2. Lexilogos por skribi Esperanto-literojn:

http://www.lexilogos.com/clavier/esperanto.htm

Bonan sukseson kun via skribado de Esperanto!

Fasulye

maandag 4 april 2011

Français: Les formes du passé simple (1)

Je suis dans un cours de conversation de français et dans la dernière leçon nous avons nous occupé avec le passé simple dans un texte littéraire.

Notre prof nous a dit que seulement la troixième personne singulier et pluriel est importante de connaître.

Voici quelques formes du passé simple:

1. avoir = hebben

il eut - ils eurent

2. être = zijn

il fut - ils furent

3. parler = spreken, praten

il parla - ils parlèrent

4. manger = eten

il mangea - ils mangèrent

5. finir = beeindigen

il finit - il finirent

6. boire = drinken

il but - ils burent

7. conduire = besturen

il conduisit - ils conduisirent

8. connaître = kennen

il connut - ils connurent

9. coudre = naaien

il cousit - ils cousirent

10. croire = denken

il crut - ils crurent

Fasulye

dinsdag 29 maart 2011

Deens: Grammatica van de indirecte rede

In mijn zelfstudie boek Deens wordt de grammatica van de indrecte rede uitgelegd. Het is net zo als in het Engels dat de inleidende zin bepaalt, welke tijdsvorm en de hoofdzin moet staan.

Voorbeelden:

1a. Hun siger: "Jeg skal komme senere."

1b. Hun siger, at hun skal komme senere.

2a. Hun sagde: "Jeg skal komme senere."

2b. Hun sagde, at hun skulle komme senere.

------------------------------------------------

3a. Han spørger: "Har du det godt?"

3b. Han spørger, om du har det godt.

4a. Han spurgte: "Har du det godt?"

4b. Han spurgte, om du havde det godt.


De werkwoorden:

zeggen = to say = sige (jeg siger) - sagde - har sagt

vragen = to ask = spørge (jeg spørger) - spurgte - har spurgt

Fasulye

maandag 21 maart 2011

Deens: Nyttige saetninger - Nuttige zinnetjes

In mijn Deense cursus op de volksuniversiteit lezen wij nu in het kinderboek van Astrid Lindgren "Emil fra Lønneberg", hetgeen vanuit het Zweeds in het Deens is vertaald. Het is best grappig (sjov!) en het taalnivo is niet zo moeilijk, dus dat sluit goed aan bij de voorkennis van het Deens die wij in de klas hebben.

Maar toch wil ik uit les 6 van ons leerboek weer wat nuttige zinnetjes presenteren:

1. Hvad skal du lave på lørdag? - Wat zul je / zult u doen op zaterdag?

2. Undskyld, det forstod jeg ikke. - Sorry, dat begrijp ik niet.

3. Vil du ikke tale godt lidt langsommere? - Kun je / kunt u niet wat langzamer spreken?

4. Om torsdagen gå jeg altijd til dansk. - Op donderdag ga ik altijd naar de Deense les.

5. Det lyder spænnende. - Dat lijkt mij boeiend.

6. Ja, selføgelig. - Ja, natuurlijk.

7. Nej, det kan jeg desværre ikke. - Nee, dat kan ik helaas niet.

8. Skal vi til koncert? - Zullen we naar het concert gaan?

9. Jeg har ferie i næste uge. - Volgende week heb ik vakantie.

10. Det glæder jeg mig til. - Daarop verheug ik mij.

Fasulye

zondag 6 maart 2011

Italiano: La differenza fra "finché" e "finché non"

Oggi ho fatte un'esercizio bastante difficile. Dovevo dicidere di utilizzare "finché" o "finché non".

finché = solange (GER) (Zeitraum, Dauer)
finché non = solange bis (GER) (Zeitpunkt)

Questo è la spiegazione nel mio libro tedescho "Buonasera a tutti" che a buone pagine con spiegazioni della grammatica.

Qualche frasi per l'uso di queste parole:

1. Non esco finché piove. - Ik vertrek niet zolang het regent.

2. Va tutto bene finché c'è salute. - Het gaat goed zolang er gezondheid heerst.

3. Non compro mobili nuovi finché abito in questa casa. - Ik koop geen nieuwe meubelen zolang ik in dit huis woon.

4. Non accendere la TV finché non ritorno io. - Zet zolang niet de TV aan totdat ik terug kom.

5. Non vado via finché non hai finito i compiti. - Ik vertrek zolang niet totdat je je huiswerk hebt gedaan.

Fasulye

dinsdag 1 maart 2011

Italiano: Pronto commincerò a studiare questa lingua

Cari lettori del mio blog!

Oggi ho deciso di smettere il mio studio del turco perché non riseco a pensare nella lingua turca. Le mie circonstanze non sono favorevole per apprendere di pensare in questa lingua abbastanza difficile.

Il mio studio del danese va molto bene e posso già pensare un po` nel danese utilizzando frasi facili. Per questo vorrei continuarlo voluntieri.

Perdone ai lettori della lingua olandese, ma del mio studio dell'italiano vorrei scrivere nella stessa lingua italiana. Questo sarà un migliore esercizio per me!

Vorrei utilizzare il libro "BUONASERA A TUTTI", questo ha un livello B1.

Spero che i miei lettori possono anche bene o migliore capire lo che scrivo nella lingua italiana!

A pronto con tanti auguri,

Fasulye

zaterdag 26 februari 2011

Koken: Recepten en woordenboeken



Hier zal ik even maar mijn receptboeken, een Italiaans kooktijdschrift en de Nederlandstalige woordenboeken zien, die ik voor mijn talenkeuken gebruik.

De woordenboeken zijn van Prisma en van Van Dale:

(van links naar rechts)

1. Van Dale Pocketwoordenboek Italiaans - Nederlands en Nederlands - Italiaans

2. Prisma Handwoordenboek Frans - Nederlands - Frans

3. Prisma Handwoordenboek Engels - Nederlands - Engels

4. Van Dale Pocketwoordenboek Spaans - Nederlands en Nederlands - Spaans

Fasulye

Deens: Het woordje "altså" en het gebruik daarvan

Het woordje "altså" is een typisch woordje wat ik opeens in lesteksten ben tegengekomen zonder het werkelijk te begrijpen. In zo'n geval helpt het om wat voorbeeldzinnen te verzamelen en die dan in een andere taal - L1 of L2 - te vertalen. L1 is de ouderlijke taal en L2 is een andere vreemde taal die men goed beheerst. Voor mij is het Nederlands een L2 - taal.

Voorbeeldzinnen met het woordje "altså":

1. Du far en god løn, altså må du være tilfreds.

= Je hebt een goed salaris, dus moet je tevreden zijn.

2. Der er lys endnu, altså der må være nogen hjemme.

= Er brandt nog licht, dus is er iemand thuis.

3. Det synes jeg altså ikke. = Dat vind ik dus niet.

4. Jeg kan altså ikke lide amerikansk film. = Ik hou dus niet van Amerikaanse films.

5. Nu må du altså holde op. = Nu moet je dus stoppen.

> Zodoende heeft "altså" de betekenis van "dus".

Fasulye

zaterdag 5 februari 2011

Talen oefenen met kookrecepten

Een leuke manier om met vreemde talen bezig te zijn is het koken met kookrecepten in vreemde talen. Ik heb dus kookboeken in het Nederlands, Frans, Duits en Engels ter beschikking en kooktijdschriften in het Spaans en Italiaans.

Wat ik eerst doe is dat ik een foto van een maaltijd kies die er smakelijk uitziet. Dus kookrecepten zonder foto zijn voor mij minder geschikt. Dan kijk ik de ingredientenlijst door of daar dingen inzitten die ik niet lekker vind, die te duur zijn of die ik hier niet kan kopen. Daarbij is natuurlijk een woordenboek handig, want sommige buitenlandse ingredienten heb ik nog nooit gelezen. Daarna neem ik de beslissing, of ik een bepaald gerecht wil koken.

Het hangt van de taal af, hoeveel werk ik erin moet steken, om de hele tekst van het recept te begrijpen. Zo'n kookrecept dwingt mij om het 100 % te begrijpen, want anders zal het koken niet succesvol zijn. Het eist dus intensief bezig zijn met de vreemde taal. Dat kan doordat ik me van een kookboek een kopie maak of een recept uit een kooktijdschrift uitknip en daarbij een woordenlijst samenstel of L2 - L1 of L3 - L2. Bij mijn Romaanse talen schrijf ik dus altijd een woordenlijst op, terwijl ik in Engelse of Nederlandse recepten slechts weinig onbekende woorden tegenkom.

Ik heb thuis hele ordners met buitenlandse recepten staan die voorzien zijn van woordenlijsten. Bij het koken zelf gebruik ik altijd het recept in de vreemde taal, dus ik zou nooit op het idee komen, om het recept in mijn ouderlijke taal te vertalen.

Het is een leuke manier van talenstudie, want het levert een resultaat op, waar je iets concreets mee kunt doen. En je moet het omgaan met de vreemde taal echt sereius nemen, want anders mislukt het koken. Ik vind zoiets uitermate leerzaam! :)

maandag 31 januari 2011

Deens: Nuttige zinnetjes

Ik wil maar weer eens nuttige zinnetjes uit mijn avondcursus Deens presenteren vanuit les 6 van het leerboek. In zo'n geval zou ik aanbelvelen om die zinnetjes gewoon van buiten te leren. Ikzelf doe dat ook. Je kunt ze dan in standaardsituaties steeds weer gebruiken.

1. Vi snakkes ved! - Wij blijven in contact!

2. Der skal jeg ikke noget. - Daar ben ik niets van plan.

3. Vil du godt tale lidt langsommere? - Wilt u graag iets langzamer spreken?* *Belangrijke zin voor toeristen in Denemarken!

4. Det gider jeg ikke. - Daar heb ik geen zin in.

5. Må jeg godt låne din kuglepen? - Mag ik jouw / uw pen lenen?

6. God fornøjelse! - Veel plezier!

7. God fornøjelse på cykelturen! - Veel plezier met de fietstocht!

8. Vi skal på værtshus. Vil du med? - Wij gaan naar de kroeg. Wil jij / wilt u mee?

9. Kom godt hjem! - Kom veilig thuis!

10. Nej, det kan jeg desværre ikke. - Nee, dat kan ik helaas niet doen.

11. Jeg skal hjem at sove. - Ik ga naar huis om te slapen.

12. Måske en anden gang. - Misschien een andere keer.

Fasulye

maandag 24 januari 2011

Deens: Het woordje "nok" en het gebruik ervan

Kleine woordjes in een vreemde taal zijn soms qua betekenis moeilijk te begrijpen en te onthouden.

Een goed voorbeeld is het Deense woord "nok".

Mijn Langenscheidt woordenboek geeft als Duitse vertaling: nok = genug, genügend, hinreichend, wohl, schon, noch.

Een Deens - Nederlands Prisma groot woordenboek heb ik nog niet kunnen kopen, want er zal misschien een nieuwe oplage komen.

De betekenis en het gebruik van dit woordje zal wat duidelijker worden door voorbeeldzinnen met Nederlandse vertaling.

1. Det er nok een god idé. - Dat is zeker een goed idee.

2. Du får det nok bedre i morgen. - Het zal zeker beter met jou morgen gaan.

3. Ja, det hjælper nok. - Ja, dat helpt zeker.

4. Du har nok bare sovet for lidt. - Jij hebt zeker maar te weinig geslapen.

5. Du taler vel nok godt dansk. - Je spreekt wel goed Deens.

6. Ja, det skal jeg nok. - Ja, dat zal ik doen.

Fasulye

dinsdag 18 januari 2011

Turks: Nog meer nuttige bijwoorden (= adverbia)

Ik zal de bestaande lijst met bijwoorden van 18 augustus 2010 nog een beetje completeren.

Turks - Duits - Nederlands

pek - sehr - heel
mesela - zum Beispiel - bijvoorbeeld
genellikle - im allgemeinen - in het algemeen
bilhassa - besonders - bijzonder
çoğunlukla - meistens - meestal
ekseriyetle - meistens - meestal
özellikle - besonders - bijzonder

Natuurlijk komen er in elke les Turks weer woorden van deze soort bij.

Fasulye

zondag 16 januari 2011

Welke hulpmiddelen gebruik je voor het leren van talen?

Voor het leren van talen gebruik ik regelmatig allerlei hulpmiddelen:

1. Woordenboeken op papier
- tweetalig L1 - L2
- tweetalig L2 - L3
- eentalig

2. Werkwoordtabellen als boeken

3. Beknopte grammatica's

4. Leerboeken en werkboeken (bijna uitsluitend baserend op L1 = Duits)

5. MP3 - speler for het afspelen van opgenomen audio-CDs

6. Woordjesschriften (= Vokabelhefte)

7. Mijn laptop voor talengebruik op internet

8. Activiteiten in het internationale talenforum

9. Skype voor multilinguale gesprekken met het buitenland

10. Privé - werkgroepen met mensen bij mij in de buurt

11. Cursussen aan de volksuniversiteit (VHS)

12. TV kijken (zenders Nederland 2, TV 5 en CNN)

13. Radionieuws luisteren (zender WDR 5 Funkhaus Europa)

14. Tijdschriften in vreemde talen (voorkeur voor kooktijdschriften en populair natuurwetenschappelijke tijdschriften)

15. Reizen naar het buurland (= Nederland!)

Fasulye

zaterdag 15 januari 2011

Taalcursussen met zelfstudie combineren

Sinds september 2010 volg ik taalcursussen aan de volksuniversiteit, die als groepslessen gegeven worden. Maar de volksuniversiteit heeft een lesrooster dat overeenstemt met de schoolvakanties van mijn bondsstaat. Dus elk jaar zijn er behoorlijk wat vakantietijden die het studieritme onderbreken.

In vroegere jaren heb ik gewoon gepauseerd met talenleren, zoals dat de andere leerlingen in de klas doen. Maar dat is niet aantebevelen, want zo raak je het studieritme kwijt en je vergeet te veel van de leerstof. Nu vul ik de vakantietijden met zelfstudie, waarbij ik andere leerboeken gebruik dan wij in klas. Bijvoorbeeld in de kerstvakantie heb ik twee lessen Turks en twee lessen Deens bestudeerd.

Nog belangrijker wordt dat tijdens de zomervakantie van school, want de volksuniversiteit zal dan in de maanden juli t/m augustus dicht zijn. Dit is waardevolle tijd om verder aan je talen te werken. Vroeger voelde ik me niet instaat om zelfstudie te doen, daarom heb ik in vroegere tijden zoiets niet gedaan.

Fasulye

vrijdag 14 januari 2011

Deens: Trappen van vergelijking

Ik heb in december een belangrijk kerstkado gekregen, namelijk een Prisma grammatica Nederlands, 15e druk 2010. Ik heb deze grammatica nodig om Nederlandse grammaticabegrippen optezoeken, want mijn leerboeken zijn in het Duits geschreven en het Duits gebruikt de Latijnse begrippen. Ik spreek al sinds 1982 Nederlands, maar ik heb nog nooit eerder een grammatica Nederlands gehad.

Voor mezelf zal ik maar even repeteren dat er drie trappen van vergelijking zijn:

1. De stellende trap (= de positief)
2. De vergrotende trap (= de komparatief)
3. De overtreffende trap (= de superlatief)

1. De stellende trap

Deze wordt in het Deens met "Lige så ... som" gevormd.

Voorbeelden:

Sandra er lige så gammel som Lene. - Sandra is net zo oud als Lene.

De sorte sko er lige så dyre som de brune sko. - De zwarte schoenen zijn net zo duur als de bruine schoenen.

2. De vergrotende trap

Deze wordt in de Deens met "end" gevormd.

Voorbeelden:

Er de hyggeligere at se fjernsyn end at læse? - Is het gezelliger om TV te kijken dan te lezen?

Debatten er mere interessant end dokumentarfilmen. - Politieke discussies zijn interessanter dan documentaires.

Vores have er mindre end jeres have. - Onze tuin is kleiner dan jullie / uw tuin.

3. Onregelmatige trappen van vergelijking:

a. god (= goed) - bedre - best
b. dårlig (= slecht) - værre - værst

c. meget (= veel, ontelbaar) - mere - mest
d. lidt (= weinig, ontelbaar) - mindre - mindst

e. mange (= vele, telbaar) - flere - flest
f. få (= weinige, telbaar) - færre - færrest

g. gammel (= oud) - ældre - ældst

h. lille (= klein) - mindre - mindst

i. lang (= lang) - længere - længst

j. gern (= graag) - hellere - helst

4. Bij langere woorden, worden de trappen van vergelijking met "mere" en "mest" gevormd.

Fasulye

donderdag 6 januari 2011

Deens: noget - ikke noget - nogen - ikke nogen

Kleine woordjes kunnen in een vreemde taal tot verwarring leiden. Hier wil ik dus vier Deens woorden presenteren en uitleggen hoe ze gebruikt woorden.

De betekenis in het Nederlands, Duits en Engels

noget = iets / etwas / something

ikke noget = niets / nichts / nothing

nogen = iemand / jemand / somebody

ikke nogen = niemand / niemand / nobody


Voorbeeldzinnen:

1. Jeg vil gerne købe ind noget. - Ik wil graag iets inkopen.

2. Men det gør ikke noget. - Maar dat geeft niets.

3. l går mødte jeg nogen på stranden. - Gisteren heb ik iemand op het strand ontmoet.

4. Nogen vil gerne se fjernsyn hvis vejret er dejligt. - Niemand wil graag TV kijken als het weer mooi is.


Grammaticaregel:

et - woorden > noget / ikke noget:

et værelse: noget værelse, ikke noget værelse

en - woorden > nogen / ikke nogen:

en by: nogen by, ikke nogen by

meervoud et / en - woorden: nogen rundstykker, ikke nogen rundstykker


Woordenschat:

et værelse = de kamer / das Zimmer / the room
en by = de stad / die Stadt / the town or city
et rundstykke = het broodje / das Brötchen / the bread roll

Fasulye

Deens: Betrekkelijke bijzinnen (= Relative Clauses)

Het grammatica onderwerp van vandaag zijn betrekkelijke bijzinnen (= relative clauses) in het Deens. En omdat de Nederlandse grammatica terminologie (die afwijkt van Latijnse begrippen) voor mij moeilijk is, schrijf ik erbij Duitse of Engelse begrippen tussen haakjes. In het Deens heb je dus twee betrekkelijke voornaamworden (= relative pronouns), dat zijn "der" en "som".

der > het betrekkelijk voornaamwoord heeft betrekking op het onderwerp (= subject) van de zin.
som > het betrekkelijk voornaamwoord heeft betrekking op het onderwerp (= subject) of voorwerp (= object) van de zin.

Voorbeelden:

1. Det er hende, der (som) elsker at spille håndbold. - Dat is diegene die graag handbal speelt. (onderwerp)

2. Det er ham, der (som) kan ikke lide at går en tur. - Dat is diegene die niet van wandelen houdt. (onderwerp)

3. Det er dem, som vi mødte i går. - Dat zijn diegenen die je gisteren hebt ontmoedt. (voorwerp)

4. Det er ham, som vi spillede tennis med i søndags. - Dat is diegene met wie we 's zondags tennisten. (voorwerp).

Fasulye

zondag 2 januari 2011

Turkse grammatica: De gebiedende wijs - De imparatief

In les 6 van het boek "Günaydın" wordt de gebiedende wijs (de imparatief) doorgenomen.

Ik zal de werkwoordvormen prezenteren en voorbeeldzinnen geven:

1. gitmek = gaan, rijden

(sen) Postaneye git! - (sen) Postaneye gitme!
(jij) Ga naar de post! - (jij) Ga niet naar de post!

(siz) Postaneye gidin! - (siz) Postaneye gitmeyin!
(jullie, u) Gaan jullie naar de post! - (jullie, u) Gaan jullie niet naar de post!

Met andere werkwoorden:

2. vermek = nemen

(sen) ver! - (sen) verme!
(siz) verin! (siz) vermeyin!

3. beklemek = wachten

(sen) bekle! - (sen) bekleme!
(siz) bekleyin - (siz) beklemeyin!

4. almak = nemen, kopen

(sen) al! - (sen) alma!
(siz) alın! - (siz) almayın!

5. okumak = lezen

(sen) oku! - (sen) okuma!
(siz) okuyun! (sen) okumayın!

Bovendien bestaat er nog een zeer formele vorm voor de "siz" persoon, die gevormd wordt door "iz / ız / uz / üz" aan de werkwoordsvorm van de "siz" persoon aantehangen. Maar deze vorm wordt in de gesproken taal in Türkiye nauwelijks gebruikt. (Voorbeeld: Postaneye gidiniz! - Postaneye gitmeyiniz!)

Fasulye