zaterdag 26 februari 2011

Koken: Recepten en woordenboeken



Hier zal ik even maar mijn receptboeken, een Italiaans kooktijdschrift en de Nederlandstalige woordenboeken zien, die ik voor mijn talenkeuken gebruik.

De woordenboeken zijn van Prisma en van Van Dale:

(van links naar rechts)

1. Van Dale Pocketwoordenboek Italiaans - Nederlands en Nederlands - Italiaans

2. Prisma Handwoordenboek Frans - Nederlands - Frans

3. Prisma Handwoordenboek Engels - Nederlands - Engels

4. Van Dale Pocketwoordenboek Spaans - Nederlands en Nederlands - Spaans

Fasulye

Deens: Het woordje "altså" en het gebruik daarvan

Het woordje "altså" is een typisch woordje wat ik opeens in lesteksten ben tegengekomen zonder het werkelijk te begrijpen. In zo'n geval helpt het om wat voorbeeldzinnen te verzamelen en die dan in een andere taal - L1 of L2 - te vertalen. L1 is de ouderlijke taal en L2 is een andere vreemde taal die men goed beheerst. Voor mij is het Nederlands een L2 - taal.

Voorbeeldzinnen met het woordje "altså":

1. Du far en god løn, altså må du være tilfreds.

= Je hebt een goed salaris, dus moet je tevreden zijn.

2. Der er lys endnu, altså der må være nogen hjemme.

= Er brandt nog licht, dus is er iemand thuis.

3. Det synes jeg altså ikke. = Dat vind ik dus niet.

4. Jeg kan altså ikke lide amerikansk film. = Ik hou dus niet van Amerikaanse films.

5. Nu må du altså holde op. = Nu moet je dus stoppen.

> Zodoende heeft "altså" de betekenis van "dus".

Fasulye

zaterdag 5 februari 2011

Talen oefenen met kookrecepten

Een leuke manier om met vreemde talen bezig te zijn is het koken met kookrecepten in vreemde talen. Ik heb dus kookboeken in het Nederlands, Frans, Duits en Engels ter beschikking en kooktijdschriften in het Spaans en Italiaans.

Wat ik eerst doe is dat ik een foto van een maaltijd kies die er smakelijk uitziet. Dus kookrecepten zonder foto zijn voor mij minder geschikt. Dan kijk ik de ingredientenlijst door of daar dingen inzitten die ik niet lekker vind, die te duur zijn of die ik hier niet kan kopen. Daarbij is natuurlijk een woordenboek handig, want sommige buitenlandse ingredienten heb ik nog nooit gelezen. Daarna neem ik de beslissing, of ik een bepaald gerecht wil koken.

Het hangt van de taal af, hoeveel werk ik erin moet steken, om de hele tekst van het recept te begrijpen. Zo'n kookrecept dwingt mij om het 100 % te begrijpen, want anders zal het koken niet succesvol zijn. Het eist dus intensief bezig zijn met de vreemde taal. Dat kan doordat ik me van een kookboek een kopie maak of een recept uit een kooktijdschrift uitknip en daarbij een woordenlijst samenstel of L2 - L1 of L3 - L2. Bij mijn Romaanse talen schrijf ik dus altijd een woordenlijst op, terwijl ik in Engelse of Nederlandse recepten slechts weinig onbekende woorden tegenkom.

Ik heb thuis hele ordners met buitenlandse recepten staan die voorzien zijn van woordenlijsten. Bij het koken zelf gebruik ik altijd het recept in de vreemde taal, dus ik zou nooit op het idee komen, om het recept in mijn ouderlijke taal te vertalen.

Het is een leuke manier van talenstudie, want het levert een resultaat op, waar je iets concreets mee kunt doen. En je moet het omgaan met de vreemde taal echt sereius nemen, want anders mislukt het koken. Ik vind zoiets uitermate leerzaam! :)