In de laatste Deense les van mijn cursus kregen wij een tekst voorgeschoteld met heel wat vormen van de verleden tijd / preteritum. Het Deens heeft drie verschillende vormen van het preteritum:
--------------------------------------------------
A. Groep - te preteritum:
1. spise = eten
jeg spiser, jeg spiste
2. læser = lezen
jeg læser, jeg læste
3. køre = rijden
jeg kører, jeg kørte
4. købe ind = boodschappen doen
jeg køber ind, jeg købte ind
-----------------------------------------------------
B. Groep - ede preteritum:
1. lave = doen
jeg laver, jeg lavede
2. snakke = praten
jeg snakker, jeg snakkede
3. spille = spelen
jeg spiller, jeg spillede
4. arbejde = werken
jeg arbejder, jeg arbejdede
------------------------------------------------------
C. Groep onregelmatige preteritum:
1. være = zijn
jeg er, jeg var
2. stå op = opstaan
jeg står op, jeg stod op
3. tage = nemen
jeg tager, jeg tog
4. blive = worden
jeg bliver, jeg blev
5. gå = gaan
jeg går, jeg gik
Fasulye
Geen opmerkingen:
Een reactie posten